Eerste Kamer naambord 960
Het compensatietraject dat het ministerie van Financiën en het kabinet hebben bewandeld was, is en blijft ook een lange lijdensweg. Compensatie van de gedupeerden van de toeslagenkwestie had veel eerder moeten zijn toegepast en uitgevoerd.

50PLUS-Eerste Kamerlid Martin van Rooijen uitte deze kritiek dinsdag 23 september in de Senaat bij de behandeling van het wetsvoorstel Suppletoire begroting Financiën.

In deze suppletoire begroting van bijna 2 miljard in verband met de forfaitaire compensatie van 30.000 euro is tijdens de behandeling in de Tweede Kamer het amendement Lodders/van Weijenberg aanvaard op een andere wet, de Fiscale Wet AWIR, om een pauze in te lassen.

Van Rooijen daarover: “Beter gezegd een standstill. Hiermee werd beoogd dat gedurende 1 jaar private schuldeisers geen verhaal kunnen uitoefenen op de compensatie van 30.000 euro als voorschot aan de gedupeerden. Op zich verdient dit al niet de schoonheidsprijs: een fiscale wet in een begrotingshoofdstuk. Het amendement heeft meer het karakter van een nota van wijziging dan van een amendement. Het blijft staatsrechtelijk van de buitencategorie.”

Hij vervolgde: “Was het omdat na het besluit forfaitair bedrag en verruiming compensatieregeling het zogenoemde compensatiebesluit van januari met 5 herstelregelingen, een storm van kritiek loskwam wegens het risico dat publieke en private crediteuren beslag zouden leggen op de 30.000 euro? Voor de publieke schuldeisers heeft het kabinet snel een regeling getroffen: er is geen beslag mogelijk. Maar het private jachtgebied lag nog open. Vandaar dat dit amendement op een slordige wijze in de begrotingswet is vastgelegd.”

Volgens Van Rooijen kan de Eerste Kamer het zich niet veroorloven goedkeuring te geven aan een wet die bij de rechter kan sneuvelen. Hij wees in dit verband op het vonnis van de rechter over de avondklok van 1 week geleden. “Staatssecretaris: een gewaarschuwd mens telt voor twee.”

Klik HIER om de volledige tekst van de 50PLUS-Senator te lezen.

23 februari 2021