Martine Baay - Foto: Serge LigtenbergDe Eerste Kamer hield op woensdagavond 13 januari een plenair debat over de inwerkingtreding van de Omgevingswet met minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Het debat over het Koninklijk Besluit voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet werd na de eerste termijn geschorst. Ook de aangekondigde stemming over het Koninklijk Besluit (KB) werd aangehouden. De Kamer besloot hiertoe op voorstel van CDA-senator Rietkerk. Zijn voorstel kreeg de steun van een meerderheid van de fracties, waaronder de Eerste Kamerfractie van 50PLUS.

Hieronder de inbreng van senator Marine Baay (foto) bij de plenaire vergadering van de Eerste Kamer over de inwerkingtreding van de Omgevingswet met minister Ollongren:

“Door aanneming van de motie Regterschot en Terpstra in de Tweede Kamer – waar de 50PLUS fractie tegen heeft gestemd – is de inwerkingtredingsdatum van de Omgevingswet bepaald op 1 januari 2022.

De termijn van vier weken van de voorhang procedure van het ontwerp Koninklijk Besluit is aangevangen op 17 december 2020 conform de wettelijk voorgeschreven voorhangprocedure uit artikel 23.10 lid 2 Omgevingswet.

Hieruit zou volgen dat de wettelijk termijn van vier weken afloopt op 13 januari 2021 om 24.00 uur, daarom hebben wij hedenavond deze plenaire vergadering.

Bij brief van 17 december 2020 heeft de minister aangegeven tegemoet te willen komen aan het verzoek van de commissieleden IWO om langer dan vier weken over de behandeling van het koninklijk besluit te doen.

Mijn fractie waardeert de welwillendheid van de minister in deze zeer, maar wijst er tegelijkertijd op dat aan ministeriële toezeggingen geen juridische afdwingbaarheid toekomt.

Dat de in de Omgevingswet genoemde vier weken termijn een juridisch fataal termijn is – anders dan de minister meent – is bevestigd door de gistermiddag geconsulteerde prof. mr. dr. Solke Munneke, hoogleraar Staatsrecht tijdens de gehouden commissievergadering.

Mijn fractie wenst ieder risico te vermijden waardoor zij het recht zou verliezen op verdere behandeling van het Ontwerp KB zonder dat zij absolute zekerheid heeft verkregen dat de Omgevingswet en het DSO (Digitaal Stelsel Omgevingswet) gaan werken zoals is beoogd.

Mijn fractie heeft met bijzondere interesse de brief d.d. hedenmiddag van de minister gelezen.

Overigens was ons toegezegd dat deze brief voor 14.00 uur ons zou bereiken, maar deze ontving ik eerst om 15.32 uur.

Graag hoor ik nog van de minister een verduidelijk omtrent de laatste alinea van deze brief.

Quote: ‘Voor de duur van de behandeling geldt geen juridische eindtermijn’. Unquote.

Kan de minister aangeven of de datum van 1 januari 2022 daarmee mogelijk een open datum is geworden? Houdt dit in dat invoering van de Omgevingswet telkenmale verschoven kan worden zolang een van beide Kamers de uitvoerbaarheid van de Omgevingswet betwist.”

© 14 januari 2021