22 mei 2020
 
Vragen ex art. 35 reglement van orde.
 
Bij punt 3 van de concept besluitenlijst DB d.d. 05-05-2020 heeft u Strategisch Personeelsmanagement op de agenda staan. 
Partij 50PLUS leest onder meer over:
- Het niet verlengen van het “generatiepact”.
- De invulling van modern werkgeverschap;
- Een van de beste werkgevers van Nederland. 
Als een van de redenen om het generatiepact niet te verlengen lezen wij:
 “Het generatiepact kende een inschrijvingsmogelijkheid tot 31-12-2019. Op deze datum namen circa 65 medewerkers van WL deel aan het generatiepact. Per saldo leidt dit ondanks herbezetting tot een verlies van 10 tot 15 fte aan in te zetten formatie.”
De fractie van Partij 50PLUS is enigszins verbaasd dit te lezen. Bij het instellen van dit ‘generatiepact’ moet toch al bekend zijn geweest dat dit leidt tot verminderde Fte-inzet? 
Blz. 12: "Voor een deel van het huidige personeelsbestand geldt dat kennis en competenties niet meer volledig passen bij de opgave waar we voor staan. Het instellen van een mobiliteitsfonds, om medewerkers die niet meer passen binnen WL uit te laten stromen of te begeleiden naar een nieuwe baan buiten WL is duur, maar kan een positief effect op de effectiviteit van de organisatie hebben." 
Blz. 14: "Maar meer nog dan voorheen is het ook belangrijk om nu een beeld te hebben welke medewerkers de ontwikkeling van WL willen of kunnen doormaken. Deze medewerkers dienen nadrukkelijk te worden betrokken in de strategische planning." 
Blz. 15: "Ook een zestiger kan dus een verrijking voor de organisatie zijn" , echter een oudere regeling wordt niet (meer) geboden. Wel wordt vitaliteitsbeleid geboden”  
Voor de fractie van Partij 50PLUS levert bovenstaande reden tot het stellen van enkele vragen. Tevens verwijzen wij naar onze art. 35 vragen n.a.v. het niet verlengen van het ‘generatiepact’ eerder dit jaar. 
1. Bent u het met ons eens dat het erop lijkt dat pas achteraf geconcludeerd is dat een dergelijke regeling (generatiepact) leidt tot een verminderde inzetbaarheid in Fte t.b.v. de oudere werknemer?
 
2. Bent u het met ons eens dat een verminderde Fte-inzet daarom geen reden mag zijn (geweest) het generatiepact niet te verlengen?
 
3. Bent u het met ons eens, verwijzend naar hetgeen vermeld is op blz. 12, dat er alleen maar sprake is van uitstroom van medewerkers?
 
4. Bent u het met ons eens dat werknemers (als beschreven op blz. 12) heel waardevol kunnen zijn op andere plekken binnen de organisatie?
 
5. Welke (andere) opties zijn er bekeken om bedoelde medewerkers te behouden voor de organisatie?
 
6. Bent u het met ons eens, verwijzend naar blz. 14, dat hier het beeld wordt geschapen dat medewerkers die niet (meer) deze ontwikkelingen kunnen doormaken niet worden betrokken binnen de Strategische Personeelsplanning?
 
7. Zo ja, waarom worden deze medewerkers niet betrokken binnen de Strategische Personeelsplanning?
 
8. Bent u het met ons eens, verwijzend naar blz 16, dat een vitaliteitsbeleid géén vervanging is van een generatiepact maar juist een aanvulling is op een generatiepact?
 
9. In de Strategische Personeelsplanning lezen wij niets over baancreatie. Bijvoorbeeld werk t.b.v. lager geschoolden. Talentvolle jongeren met een mbo 1 opleiding of over mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.   
 
Bent u het met ons eens dat oog hebben voor mensen met een kwetsbare arbeidspositie  een onmisbaar element vormt bij de invulling van modern werkgeverschap én een van de beste werkgevers van Nederland te willen zijn? 
We zien uw antwoorden op bovenstaande vragen met belangstelling tegemoet. Waarvoor dank. 
Namens de fractie 50PLUS,
drs. J.A.M. Arntz
mr. W.J.  Bronckers